Números 28

DUTCH vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
1 Disse mais o Senhor a Moisés:
2 Gebied den kinderen Israels, en zeg tot hen: Mijn offerande, Mijn spijze voor Mijn vuurofferen, Mijn liefelijken reuk, zult gij waarnemen, om Mij te offeren op zijn gezetten tijd.
2 Dá ordem aos filhos de Israel e dize-lhes: Da minha oferta, do meu manjar para as minhas ofertas queimadas, do aroma agradável, tereis cuidado, para mas trazer a seu tempo determinado.
3 En gij zult tot hen zeggen: Dit is het vuuroffer, hetwelk gij den HEERE offeren zult: twee volkomen eenjarige lammeren des daags, tot een gedurig brandoffer.
3 Dir-lhes-ás: Esta é a oferta queimada que oferecereis ao Senhor , dia após dia: dois cordeiros de um ano, sem defeito, em contínuo holocausto;
4 Het ene lam zult gij bereiden des morgens; en het andere lam zult gij bereiden tussen de twee avonden.
4 um cordeiro oferecerás pela manhã, e o outro, ao crepúsculo da tarde;
5 En een tiende deel ener efa meelbloem, ten spijsoffer, gemengd met het vierendeel van een hin van gestoten olie.
5 e a décima parte de um efa de flor de farinha, em oferta de manjares, amassada com a quarta parte de um him de azeite batido.
6 Het is het gedurig brandoffer, hetwelk op den berg Sinai ingesteld was tot een liefelijken reuk, een vuuroffer den HEERE.
6 É holocausto contínuo, instituído no monte Sinai, de aroma agradável, oferta queimada ao Senhor .
7 En zijn drankoffer zal zijn het vierendeel van een hin, voor het ene lam; in het heiligdom zult gij het drankoffer des sterken dranks den HEERE offeren.
7 A sua libação será a quarta parte de um him para o cordeiro; no santuário, oferecerás a libação de bebida forte ao Senhor .
8 En het andere lam zult gij bereiden tussen de twee avonden; gelijk het spijsoffer des morgens, en gelijk zijn drankoffer zult gij het bereiden, ten vuuroffer des liefelijken reuks den HEERE.
8 E o outro cordeiro oferecerás no crepúsculo da tarde; como a oferta de manjares da manhã e como a sua libação, o trarás em oferta queimada de aroma agradável ao Senhor .
9 Maar op den sabbatdag twee volkomen eenjarige lammeren, en twee tienden meelbloem, ten spijsoffer, met olie gemengd, mitsgaders zijn drankoffer.
9 No dia de sábado, oferecerás dois cordeiros de um ano, sem defeito, e duas décimas de um efa de flor de farinha, amassada com azeite, em oferta de manjares, e a sua libação;
10 Het is het brandoffer des sabbats op elken sabbat, boven het gedurig brandoffer, en zijn drankoffer.
10 é holocausto de cada sábado, além do holocausto contínuo e a sua libação.
11 En in de beginselen uwer maanden zult gij een brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;
11 Nos princípios dos vossos meses, oferecereis, em holocausto ao Senhor , dois novilhos e um carneiro, sete cordeiros de um ano, sem defeito,
12 En drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen var; en twee tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen ram;
12 e três décimas de um efa de flor de farinha, amassada com azeite, em oferta de manjares, para um novilho; duas décimas de flor de farinha, amassada com azeite, em oferta de manjares, para um carneiro;
13 En tot elk tiende deel meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot het ene lam; het is een brandoffer tot een liefelijken reuk, een vuuroffer, den HEERE.
13 e uma décima de um efa de flor de farinha, amassada com azeite, em oferta de manjares, para um cordeiro; é holocausto de aroma agradável, oferta queimada ao Senhor .
14 En hun drankofferen zullen zijn de helft van een hin tot een var, en een derde deel van een hin tot een ram, en een vierendeel van een hin van wijn tot een lam; dat is het brandoffer der nieuwe maan in elke maand, naar de maanden des jaars.
14 As suas libações serão a metade de um him de vinho para um novilho, e a terça parte de um him para um carneiro, e a quarta parte de um him para um cordeiro; este é o holocausto da lua nova de cada mês, por todos os meses do ano.
15 Daartoe zal een geitenbok ten zondoffer den HEERE, boven het gedurige brandoffer, bereid worden, met zijn drankoffer.
15 Também se trará um bode como oferta pelo pecado, ao Senhor , além do holocausto contínuo, com a sua libação.
16 En in de eerste maand, op den veertienden dag der maand, is het pascha den HEERE.
16 No primeiro mês, aos catorze dias do mês, é a Páscoa do Senhor .
17 En op den vijftienden dag derzelve maand is het feest; zeven dagen zullen ongezuurde broden gegeten worden.
17 Aos quinze dias do mesmo mês, haverá festa; sete dias se comerão pães asmos.
18 Op den eersten dag zal een heilige samenroeping zijn; geen dienstwerk zult gijlieden doen;
18 No primeiro dia, haverá santa convocação; nenhuma obra servil fareis;
19 Maar gij zult een vuuroffer ten brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, daartoe zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn.
19 mas apresentareis oferta queimada em holocausto ao Senhor , dois novilhos, um carneiro e sete cordeiros de um ano; ser-vos-ão eles sem defeito.
20 En hun spijsoffer zal zijn meelbloem, met olie gemengd; drie tienden tot een var, en twee tienden tot een ram zult gij bereiden.
20 A sua oferta de manjares será flor de farinha, amassada com azeite; oferecereis três décimas para um novilho e duas décimas para um carneiro.
21 Tot elk zult gij een tiende deel bereiden tot een lam, tot die zeven lammeren toe.
21 Para cada um dos sete cordeiros oferecereis uma décima;
22 Daarna een bok ten zondoffer, om over ulieden verzoening te doen.
22 e um bode, para oferta pelo pecado, para fazer expiação por vós.
23 Behalve het morgenbrandoffer, hetwelk tot een gedurig brandoffer is, zult gij deze dingen bereiden.
23 Estas coisas oferecereis, além do holocausto da manhã, que é o holocausto contínuo.
24 Achtervolgens deze dingen zult gij des daags, zeven dagen lang, de spijze des vuuroffers bereiden tot een liefelijken reuk den HEERE; boven dat gedurig brandoffer zal het bereid worden, met zijn drankoffer.
24 Assim, oferecereis cada dia, por sete dias, o manjar da oferta queimada em aroma agradável ao Senhor ; além do holocausto contínuo, se oferecerá isto com a sua libação.
25 En op den zevenden dag zult gij een heilige samenroeping hebben; geen dienstwerk zult gij doen.
25 No sétimo dia, tereis santa convocação; nenhuma obra servil fareis.
26 Insgelijks op den dag der eerstelingen, als gij een nieuw spijsoffer den HEERE zult offeren naar uw werken, zult gij een heilige samenroeping hebben; geen dienstwerk zult gij doen.
26 Também tereis santa convocação no dia das primícias, quando trouxerdes oferta nova de manjares ao Senhor , segundo a vossa Festa das Semanas; nenhuma obra servil fareis.
27 Dan zult gij den HEERE een brandoffer ten liefelijken reuk offeren: twee jonge varren, een ram, zeven eenjarige lammeren;
27 Então, oferecereis ao Senhor por holocausto, em aroma agradável: dois novilhos, um carneiro e sete cordeiros de um ano;
28 En hun spijsoffer van meelbloem, met olie gemengd: drie tienden tot een var, twee tienden tot een ram;
28 a sua oferta de manjares de flor de farinha, amassada com azeite: três décimas de um efa para um novilho, duas décimas para um carneiro,
29 Tot elk een tiende tot een lam, tot die zeven lammeren toe;
29 uma décima para cada um dos sete cordeiros;
30 Een geitenbok, om voor u verzoening te doen.
30 e um bode, para fazer expiação por vós.
31 Behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, zult gij ze bereiden; zij zullen u volkomen zijn met hun drankofferen.
31 Oferecê-los-eis, além do holocausto contínuo, e da sua oferta de manjares, e das suas libações. Ser-vos-ão eles sem defeito.

Ler em outra tradução

Comparar com outra